startpagina
startpagina nieuws namenlijst de schrijfsters de Leestrommel
Aletta Jacobs
biografie
bibliografie
geschilderd door Isaac Israƫls (1919). [fragment]
Foto IIAV
rss mailinglijst

dr. Aletta H. Jacobs
(1854-1929)

Wie haar naam hoort, denkt meteen aan het vrouwenkiesrecht en het feit, dat zij de eerste vrouwelijke arts van Nederland was. Dat is waar, en de gedachte is terecht. Maar Aletta Henriëtte Jacobs was zoveel meer.

Op 9 februari 1854 werd Aletta geboren in het Groningse Sappemeer, waar vader als huisarts werkte. Een inspirerend voorbeeld, net als haar broer Julius. Aletta: "Van mijn zesde jaar af heb ik steeds met de meest mogelijke beslistheid verklaard, dat ik, net als Pa en Julius, dokter wou worden. Geen oogenblik is toen of later de gedachte bij mij opgekomen, dat dit voor een meisje moeilijk zou gaan. Hoe kon dat ook? Thuis werd immers tusschen jongens en meisjes geenerlei verschil gemaakt." Vader nam Aletta mee naar sommige van zijn patiènten en sprak met haar over de ziektegevallen. Haar belangstelling voor het vak groeide.

Na een persoonlijke crisis en de persoonlijke bemoeienis van minister Thorbecke, kreeg Aletta uiteindelijk toestemming om in Groningen de medische studie te volgen. In 1877 en 1878 slaagde ze voor de arts-examens en op 8 maart 1879 promoveerde zij tot doctor in de medicijnen. Haar dissertatie heette: Over localisatie van physiologische en pathologische verschijnselen in de groote hersenen. Het proefschrift van de eerste vrouwelijke arts in Nederland werd opgedragen aan de jonge koningin Emma, "als een blijk van hulde", zoals Aletta schreef in haar aanbiedingsbrief.

In Amsterdam, aan de Herengracht, vestigde Aletta haar praktijk. Daar bleef het niet bij. Waar zij misstanden zag, kwam zij in verzet. Winkeljuffrouwen die destijds verplicht waren te staan, kregen vooral door haar invloed in 1902 wettelijk het recht op zitgelegenheid. Aan vrouwen die uitgeput raakte door zwangerschap op zwangerschap - zou God dat werkelijk zo bedoeld hebben?- schreef zij het pessarium voor. Velen verstrekte zij seksuele voorlichting. Naast haar stond haar trouwe vriend, geliefde en latere echtgenoot Carel Victor Gerritsen (1850-1905). Na zijn dood in 1905 was zij lang ontroostbaar.

De strijd om het vrouwenkiesrecht trok haar uiteindelijk terug in het volle leven. Bij de Grondwetswijziging in 1887 waren vrouwen van het stemrecht expliciet uitgesloten; enkele jaren later (1894) was de oprichting van de Vereniging voor Vrouwenkiesrecht (VVK) een feit. Vergaderingen en congressen waren gevolgd, in nationaal en internationaal verband. In 1903 werd Aletta presidente van de VVK om dat vele jaren te blijven. Pas in 1919 kwam de overwinning: vrouwen kregen dezelfde stemrechten als mannen. Victorie! Uit het hele land ontving Aletta gelukwensen en geschenken, waaronder een in goud uitgevoerd vrouwenkiesrechtembleem. In 1922 kwam de kroon op het werk, toen zij en andere Nederlandse vrouwen voor het eerst een stembriefje kregen.

Met Carrie Chapman Catt, de presidente van de Wereldbond, maakte Aletta na het overlijden van haar echtgenoot een wereldreis. Van juni 1911 tot en met oktober 1912 reisden de twee over een aantal continenten, met het doel daar het recht van vrouwen op kiesrecht uit te leggen en waar mogelijk, verenigingen voor vrouwenkiesrecht op te richten. Dat lukte. In onder andere China, Zuid-Afrika en Nederlands-Indië werden plaatselijke comité's en verenigingen opgericht. Gedurende de reis publiceerde Aletta Jacobs haar ervaringen en indrukken in De Telegraaf; later kwamen ze in boekvorm uit. Bekend in de Indische reisliteratuur zijn ze echter nauwelijks geworden, terwijl ze een interessant perspectief geven op de toenmalige samenlevingen.

In Nederland begon men in brede kring te beseffen hoe bijzonder dr. Aletta H. Jacobs was. In 1924 was Aletta het middelpunt van een feest ter ere van haar 70ste verjaardag. Op 8 maart 1929 herdacht men het feit dat zij 50 jaar geleden promoveerde. Dr. Aletta H. Jacobs had nog veel plannen. Op 10 augustus 1929 overleed zij echter, vermoeid. De crematieplechtigheid werd druk bezocht en voor het bioscoopjournaal verfilmd. Nog kort voor haar dood had zij verzucht: "Er is nog zoo veel te doen op de wereld."

Laatste wijziging: 1 januari 2002